Overslaan en naar de algemene inhoud gaan

U bent hier

Relationele en seksuele vorming in de lerarenopleiding

Waarom het thema seksuele vorming in de lerarenopleiding? 

  • Zowel jongeren als hun ouders vinden relationele en seksuele vorming op school belangrijk. Het is dus belangrijk dat dat ook goed gebeurt. 
  • Relationele en seksuele vorming maakt in het Vlaams onderwijs deel uit van het gezondheidsbeleid van de school. Elke school bepaalt zelf in haar pedagogisch project hoe het thema relaties en seksualiteit daarin aan bod komt. 
  • Inzicht in de doelstellingen en de kwaliteitscriteria van relationele en seksuele vorming helpt toekomstige leraren om seksuele vorming op te nemen in het curriculum. 
  • De lerarenopleiding kan een belangrijke rol kunnen spelen in de motivatie van leraars en om hen de nodige competenties bij te brengen. 

Wat willen lectoren?

Heel wat lectoren geven les over thema’s die met relationele en seksuele vorming te maken hebben. Ze merken dat studenten vrij weinig weten over seksuele ontwikkeling. Tegelijk is er ook bij lectoren zelf een zekere schroom. Er is een grote nood aan een opener houding en aan meer kennis over de seksualiteit van jongeren. 

Praktische tips voor het omgaan met situaties die zich voordoen op school zijn een goede kapstok om interesse te krijgen bij de studenten. Lectoren vinden ook dat studenten moeten leren reageren op of omgaan met ‘moeilijke’ situaties bij de gezinnen van de leerlingen. Dat is een uitdaging voor de toekomstige leraren en komt aan bod in vakken als ontwikkelingspsychologie en leerlingenbegeleiding.

Verder is er nood aan

  • informatie over jongerencultuur, holebiseksualiteit en over nieuwe media;
  • degelijke en beknopte achtergrondinformatie over seksualiteit: actuele informatie en trends, bruikbaar in hun lessen;
  • informatie of materiaal in het Engels over onderwijs en jongeren in Vlaanderen, voor internationale studenten;
  • concrete tools en voorbeelden van lesmomenten en werkvormen, al is er weinig ruimte om die aan bod te laten komen. Digitale vindplaatsen van materialen zijn welkom. 

Wat willen toekomstige leraren?

  • meer uitleg over de plaats van relationele en seksuele vorming (RSV) in de vakoverschrijdende eindtermen;
  • wetenschappelijke informatie over RSV;
  • leren omgaan met moeilijke vragen;
  • leren signalen herkennen en gepast reageren;
  • een waardenkader rond seksualiteit;
  • leren communiceren met ouders (Ooms, 2011, p. 20).

Wat willen kinderen en jongeren? 

Jongeren zien de school als een belangrijke plek om relationele en seksuele vorming te krijgen, om verschillende redenen. Vooral in het secundair onderwijs maken jongeren de overgang van kind naar volwassene. De school is dus goed geplaatst om professionele informatie te geven over relaties en seksualiteit. En de school bereikt zo goed als alle jongeren, ook jongeren die thuis geen seksuele opvoeding krijgen (VSK, 2010). 

Voor de Vlaamse Scholierenkoepel (VSK) moet RSV voldoen aan een aantal criteria:

1. Een brede invulling van RSV

Het mag niet alleen over technische of biologische aspecten van seksualiteit gaan. En ook niet alleen over de risico’s zoals ongewenste zwangerschappen of soa’s. 

2. Aandacht voor alle doelgroepen en participatie

Een goed RSV-beleid op school heeft aandacht voor de diversiteit van de leerlingen: leeftijd, socioculturele achtergrond, studiekeuze, seksuele voorkeur.

RSV werkt best als alle partijen (directies, leraren, leerlingenbegeleiders, maar ook leerlingen en hun ouders) betrokken zijn. 

3. Dat elke leraar meedoet

Zoveel mogelijk leraren betrekken bij het programma vinden jongeren belangrijk, niet alleen die van biologie, godsdienst of zedenleer. 

Leerlingen vinden het belangrijk dat leraars goed gevormd worden om RSV te begeleiden, dat ze weten hoe ze een groepsgesprek over een gevoelig thema als seksualiteit best aanpakken en veiligheid creëren in de groep. 

4. Duidelijke afspraken over relaties en seks

Jongeren hebben nood aan duidelijke afspraken over seksueel gedrag in schoolverband. Wat kan wel en niet op school, op uitstap en op sociale media.  

5. Meer aandacht voor psychosociale kant van gezondheidsbeleid

Scholieren vragen dat scholen, naast lichamelijke gezondheid, ook oog hebben voor de mentale gezondheid. Het uitgewerkt gezondheidsbeleid van de school, met regels rond snoep en frisdrank, houdt geen rekening met de psychosociale kant van het verhaal, terwijl dat voor leerlingen net de focus moet zijn (VSK, 2014).

Wat willen ouders? 

Ouders hebben een belangrijke verantwoordelijkheid in de seksuele opvoeding van hun kinderen. Maar ouders van tieners merken dat ze niet meer de eerste aanspreekpersoon zijn om over seks te praten. De school is dan faciliterend om het met een groep van jongeren over seksualiteit en relaties te hebben en om wetenschappelijk correcte informatie te geven. 

De meeste ouders vinden het goed dat de school aandacht besteedt aan de seksuele vorming van hun kinderen. Ouders willen in de eerste plaats seksuele voorlichting: kennis over anticonceptie, lichamelijke veranderingen, risico’s, enz. Op de tweede plaats komen gevoelens en belevingen en op de derde plaats sociale vaardigheden zoals nee kunnen zeggen. Verder in dalende volgorde: omgaan met nieuwe media, respect voor verschillende vormen van seksualiteit en geaardheden, respect voor culturele diversiteit, misbruik en grensoverschrijdend gedrag (Dieltjens, 2015, p. 32 en 42).  

Bronnen

Aelterman, A., et al. (2008). Een nieuw profiel voor de leraar secundair onderwijs. Informatiebrochure bij de invoering van het nieuwe beroepsprofiel  en de basiscompetenties voor leraren. Brussel: Vlaamse overheid: Departement Onderwijs en Vorming. Geraadpleegd op 11/09/2015 via Vlaanderen.be.

Dieltjens, S. & Meurs, P. (2015). Ouders en de relationele en seksuele vorming op school. Antwerpen: Garant. 

Interviews met An Leroy - lector Karel de Grote-hogeschool Antwerpen en Bart Vandenbussche - lector KISP Gent.

Ooms, A. (2011). Noodzakelijke competenties voor het geven van relationele en seksuele vorming in het secundair onderwijs: visie van lectoren uit de Vlaamse lerarenopleidingen. Eindverhandeling tot master in de Agogische Wetenschappen. Brussel: VUB. Geraadpleegd op 02/02/2016 via VUB, Wetenschapswinkel

Vlaamse Scholierenkoepel (VSK), 2010. Is seksuele opvoeding passé? Advies relationele en seksuele vorming op school (RSV). Brussel: VSK. 

Vlaamse Scholierenkoepel (VSK), 2014. Power to the pupils! Memorandum van de Vlaamse Scholierenkoepel voor de Vlaamse verkiezingen van 2014. Brussel: VSK:

Vlaamse Scholierenkoepel (VSK). 2016. Scholierenrapport: Wat 17.000 leerlingen in de nieuwe eindtermen willen. Geraadpleegd op 20/12/2016 via Scholierenkoepel.be.